Een klant zoekt op zijn telefoon een loodgieter, tikt op jouw naam en kijkt drie seconden naar een wit scherm. Dan tikt hij terug en kiest de volgende. Jij ziet niets: geen gemiste oproep, geen klacht, geen bericht. Alleen een week die iets stiller is dan anders.

Dat is het vervelende aan een trage website. De schade is echt, maar hij laat geen spoor achter. Daarom is dit het eerste waar wij naar kijken als iemand zegt dat de website "niet zoveel oplevert".

Hoe traag is te traag?

Een handige vuistregel: als de pagina niet binnen ongeveer twee seconden iets bruikbaars toont, verlies je bezoekers. Bij vier seconden gaat een groot deel weg. Op een telefoon met matig bereik, in een winkelstraat of in de auto, zijn die seconden zo voorbij.

Je hoeft niet te gokken. Google heeft een gratis meting die iedereen kan gebruiken: zoek op PageSpeed Insights, plak je adres erin en kies de mobiele weergave. Je krijgt een score van 0 tot 100 en, belangrijker, een lijst met wat er zwaar weegt. Onder de 50 is er werk aan de winkel. Tussen 50 en 80 valt er meestal in een middag veel te winnen. Boven de 90 hoef je je hier niet meer druk om te maken.

Waar de seconden meestal zitten

In onze ervaring zijn het bijna altijd dezelfde vier dingen, in deze volgorde:

  • Foto's die te groot zijn. Een foto rechtstreeks van de telefoon is vaak 4 tot 8 megabyte. Op een website hoeft hij zelden groter te zijn dan 200 kilobyte, twintig tot veertig keer kleiner. Eén pagina met tien zulke foto's laadt een halve minuut op mobiel.
  • Te veel plug-ins en scripts. Een chatknop, een cookiebanner, twee soorten statistieken, een lettertype van buiten, een videospeler. Elk ding apart is klein. Samen zijn ze het grootste deel van de wachttijd.
  • Goedkope hosting die veel sites deelt. Als de server zelf al een seconde nadenkt voor hij begint, kun je de rest nog zo netjes maken.
  • Geen tussenopslag. Een goede site onthoudt wat hij al gemaakt heeft en toont dat direct aan de volgende bezoeker. Veel sites bouwen elke pagina elke keer opnieuw op.

Wat je zelf kunt doen, vandaag

Voor de eerste twee punten heb je geen ontwikkelaar nodig.

Foto's verkleinen. Open de drie pagina's die het meest bezocht worden, meestal de homepage, de contactpagina en één dienstenpagina. Vervang de foto's daar door een versie van maximaal 1600 pixels breed, opgeslagen als JPEG of WebP. Gratis programma's als Squoosh doen dat in de browser. Dit alleen haalt bij de meeste sites al seconden weg.

Plug-ins opruimen. Loop de lijst door en stel bij elke plug-in de vraag: heeft iemand dit het afgelopen half jaar gebruikt? Een chatknop waar nooit iemand op klikt, een pop-up voor een nieuwsbrief die je niet verstuurt, een tweede statistiekenpakket. Weg ermee. Maak eerst een back-up of vraag degene die je site beheert om dat te doen.

Meet daarna opnieuw met dezelfde Google-meting. Je ziet meteen wat het heeft opgeleverd, en het motiveert om verder te gaan.

Wanneer je iemand erbij haalt

Als de score na het opruimen nog steeds laag is, zit het probleem dieper: in de hosting, in het thema of in de manier waarop de site is gebouwd. Dat is werk voor wie de site onderhoudt. Vraag dan concreet om twee dingen: de tijd tot de eerste inhoud zichtbaar is op mobiel, en wat de server zelf nodig heeft voor hij begint te antwoorden. Wie de site goed kent, heeft daar binnen een dag een antwoord en een voorstel voor.

Let op wat je terugkrijgt. "We gaan optimaliseren" is geen antwoord. "De foto's worden automatisch verkleind, de server krijgt tussenopslag en we halen drie scripts weg; daarna verwachten we een score boven 85" is dat wel.

Wat je deze week kunt doen

  • Meet je site op je telefoon met PageSpeed Insights en schrijf de score op.
  • Verklein de foto's op je drie belangrijkste pagina's en verwijder plug-ins die niemand gebruikt.
  • Meet opnieuw. Is de score nog onder 70, vraag dan wie je site onderhoudt om een concreet plan.

Twijfel je of het aan de site ligt of aan de hosting? Stuur ons gerust het adres. We kijken ernaar en zeggen eerlijk wat we zien, ook als het antwoord is dat je niets hoeft te doen.